
Eerste en enige milieuonderzoek naar uitvaart
Doodgaan kost 20 milieupunten per persoon Het eerste en ons enig bekende onderzoek naar de milieuaspecten van de uitvaart werd in 2005 gehouden door onderzoekers Han Remmerswaal en Luc van de Heuvel, verbonden aan de faculteit Industrieel Ontwerpen van de TU Delft.
De twee onderzoekers verrichtten een zogenoemde
levenscyclusanalyse (LCA) van de uitvaart. Daarbij werden de milieuaspecten van alle stappen in het proces van de uitvaart onderzocht en volgens de methode ‘Eco-indicator 99’ gewogen en opgeteld. De Eco-indicator 99 methode is een in Nederland ontwikkelde en erkende methode om LCA’s van producten en diensten te maken. Van alle stappen wordt in beeld gebracht wat de milieu-effecten zijn.
De onderzoekers hebben berekend dat een uitvaart in totaal zo’n 20 milieupunten kost. Het gedeelte van overlijden tot en met de uitvaartplechtigheid is goed voor 16,5 milieupunten. De methode van lijkbezorging voegt daar nog ruim 4,5 punt aan toe. Hoe meer milieupunten een onderdeel krijgt, hoe slechter dit is voor het milieu. Aan onderstaande specificatie kan dus duidelijk gezien worden waar de meeste winst voor het milieu te behalen is. Dat is het
vervoer.

Milieupunten onderdelen uitvaart
Omhullen: 2,5
Koelen: 0,4
Kist: 1
Rouwdrukwerk: buiten beschouwing gelaten
Vervoer: 12,6
Bloemen: buiten beschouwing gelaten
Consumpties condoleance: buiten beschouwing gelaten
Begraven: 4,8 (waarvan 2,7 voor ruimtebeslag)
Cremeren: 4,7
Vriesdrogen: 10,7
Hydrolyse: 4,6
Herdenkingsmonument: 1,9
Conclusies
Zoals alle handelingen belast ook de uitvaart het milieu. In het algemeen kun je zeggen dat de milieubelasting in het geval van uitvaarten niet bijzonder groot is. Zeker niet als je het vergelijkt met wat één mens bij leven allemaal opmaakt aan energie en vervuilt aan lucht, water en grond. Maar alle kleine beetjes helpen. En het is een mooie erfenis voor het nageslacht: zo milieuvriendelijk dit leven verlaten. Al is het maar vanwege het goede voorbeeld dat u hiermee geeft aan de échte grootverontreinigers: de levenden.